zininopvoeding > publicatie.php?nr=25997&stuurdoor=nee

Op wereldreis met kinderen: de islam

 

Terug


Een jongeman komt aanrennen met zijn gebedskleedje onder zijn arm. Hij sluit, iets te laat, aan bij de andere jongemannen die rustig verder gaan met hun gebed. Buiten, op straat, langs de autoweg. Want in de moskee is het vol. Wij lopen er langs en de kinderen stellen hun eerste vragen. 

We reizen inmiddels zo’n 7 maanden om de wereld en hebben meerdere Arabische landen bezocht. Bij de kinderen spreekt de islam tot de verbeelding: ze kennen dit geloof niet en begrijpen het ook niet helemaal. Waarom zou je vijf keer per dag willen bidden? Een maand lang vasten met Ramadan? En waarom maken die moskeeën zoveel herrie? 

‘Bedenk eens wat er leuk is aan vijf keer per dag bidden?’ vraag ik aan ze. Terwijl ze denken, kantelt het beeld dat ze van de islam hebben. 

‘Om even rust te hebben,’ zegt onze zoon. Hij heeft een goed punt: die religieuze momenten zijn een welkome afwisseling van de drukte in veel Arabische steden. ‘Om samen te zijn,’ bedenkt onze dochter. Want hoewel dat niet altijd vijf keer per dag lukt, bidden veel moslims samen, met name op vrijdag, de heiligste dag van de week. 

Met die antwoorden kijken we anders naar de islam. We zien een geloof dat gericht is op verbinding en onderdeel is van het hele, dagelijkse leven. Bijvoorbeeld wanneer de mensen met elkaar praten: ‘de vrede van God zij met jou’, ‘Godzijdank!’ en ‘In naam van God.’ Of de oude mannen met gebedskettingen in hun handen, terwijl ze continu gebeden herhalen. Maar ook wanneer de mensen de moskee verlaten en samen over straat lopen in hun djelaba (gebedskleren) en dan vaak nog even iets gaan drinken bij een theekraampje. 

De kinderen beginnen op de details te letten. Ze zien bijvoorbeeld een man die naast zijn handelswaar op een stuk karton bidt, omdat hij geen gebedskleed heeft. Ze horen het verschil in volume tussen de moskeeën in Egypte en Marokko. In het eerste land knalt de oproep voor het gebed uit de boxen die bovenin de minaretten hangen, in Marokko is het veel rustiger. Daar zie je ook veel minder vrouwen met hoofddoeken. Ze zien ook de zwarte vlekken op de voorhoofden van mannen en vragen wat het is. Het is een soort eeltlaag, ontstaan door het vele bidden, waarbij het voorhoofd steeds even de grond raakt. 

De kinderen zijn ook benieuwd waarom zoveel moslims een baard dragen. ‘Omdat de profeet Mohammed ook een baard had.’ In een restaurant leren ze het verschil tussen rein en onrein: je eet met je rechterhand omdat je je linkerhand gebruikt op de wc. 

Hoe meer ze leren, hoe meer ze de finesses van de islam begrijpen. De oproep voor het gebed is niet langer storend en ze stellen zelfs voor om met Ramadan ook te vasten. Niet een maand, maar een dag. En daarna natuurlijk het Suikerfeest vieren. 

wereldreis

 


Terug

Meer informatie Facebook   Twitter
contact disclaimer
inloggen colofon
2022 Zin in Opvoeding