zininopvoeding > publicatie.php?nr=25963&stuurdoor=nee

'Wat doen jullie hier aan sociale veiligheid?'

 

Terug


'Wat doen jullie eigenlijk aan sociale veiligheid?'

Pesten raakt de hele mens en heeft vaak nog jaren later gevolgen. Toch kunnen ouders meer doen dan ze denken om pesten te voorkomen, of als er in hun directe omgeving wordt gepest. ‘Eigenlijk komt het allemaal neer op één ding: praat met elkaar’, zegt Mirella van den Burg, pedagoog bij het Nederlands Jeugdinstituut. ‘Dat kan heel mooi zijn, maar ook heel ingewikkeld en niet iedere ouder kan dat zomaar.’ Maar ze kan wel doorgeven wat ze erover heeft geleerd. En achteraf denkt ze dat ze ook als docent meer had kunnen doen.

Hoe weet je als ouder eigenlijk of (er in de omgeving van) je kind wordt gepest? Vaak vertellen kinderen het niet thuis. 
Zeker als je kind niet veel vertelt, is het belangrijk beschikbaar te zijn, contact te houden en proberen het te begrijpen. Dat hangt natuurlijk van de leeftijd af, maar kijk goed. En vraag: hoe was je dag? Met wie vind je het fijn om te spelen? En wat vind je dan fijn om te doen? Gebeurt het wel eens dat het niet fijn is? En wat doe jij dan? Hoe is het in de klas? Wat zie je om je heen? Wat zou je graag willen dat er gebeurde?
Dat zijn best lastige vragen om zomaar te stellen. Bij jongere kinderen kan het helpen als je  bijvoorbeeld samen een tekening maakt. Bij oudere kinderen als je samen een boswandeling maakt, zodat je elkaar niet de hele tijd in de ogen hoeft te kijken. Dan kan je het wat minder spannend maken. 

Hoe kun je je kind een beetje weerbaar maken? 
Het is heel goed om kinderen te leren: wat vind jij fijn? En wat is jouw grens? Daarin ben je als ouder zelf rolmodel. Kinderen pikken feilloos op hoe jij tijdens het avondeten over buren of vrienden praat. En kinderen leren veel van hoe jij rekening houdt met hun wensen en grenzen. 
Het is net zo belangrijk om hen te leren de grenzen van anderen te leren zien en te respecteren. Wat zie je dat jouw opmerking of gedrag bij die ander doet? Komt dat grapje over zoals je het had bedoeld? Kijk eens naar hoe ze kijken, of naar hun lichaamshouding. Zo kun je kinderen vaardigheden aanleren, die ook kunnen helpen als er gepest wordt. 
Het is heel belangrijk je kind weerbaar te maken, maar omdat pesten een groepsproces is, is het goed om het ook in die groep aan te pakken. Het is een probleem van de groep, dus de oplossing ligt ook bij de groep.

Maar kun je als ouder wel iets met zo’n groep? Je bent er meestal niet bij. 
Toch is het belangrijk om te onderkennen dat pesten altijd een groepsproces is en iedereen daar een aandeel in heeft. De pester pest vaak om zijn status te verhogen, of omdat hij zelf is gepest. Maar hij  kan alleen maar pesten omdat de groep dat accepteert. Ook voor de omstanders heeft pesten grote gevolgen. Ook als je niet zelf wordt gepest, voelt het niet veilig. Soms wil een kind daardoor zelfs liever niet naar school. 

Natuurlijk moet allereerst de docent, de jongerenwerker of de coach alert zijn op wat er in hun groep of buurt gebeurt. Maar als ouder kun je dat ook door te vragen: wat doen jullie eigenlijk aan sociale veiligheid hier? Hoe reageren kinderen op elkaar? Praten jullie wel eens over hoe je met elkaar omgaat en wat de regels daarvoor zijn? Hoe gaan jullie eigenlijk om met het groepsproces? Wat zijn hier de regels voor de groepsapp? 
Dat zijn mooie dingen om te bespreken. Ook voor een ouder van een kind dat niet gepest wordt of geen pester is. 

En als je hoort dat er in een groep wordt gepest - ook al betreft het een ander kind? 
Volwassenen reageren vaak heel waakzaam op het woord ‘pesten’. En je moet het zeker serieus nemen en aan je kind vragen wat er precies is gebeurd. Hoe heb je het beleefd? Wat zou jij willen? En het klinkt een beetje cru, maar het is ook goed om na te vragen: was het wel bedoeld als pesten? Kan het ook zijn dat het anders bedoeld was?

En als je kind echt wordt gepest? Kinderen vinden het vaak vreselijk als hun ouders naar school gaan. 
Als je er echt van overtuigd bent dat je kind wordt gepest, moet je daar wel iets mee. Alleen: als de emoties hoog oplopen, is het verstandig iemand mee te nemen. 

Bijna elke wijk heeft een sociaal team. Elke school heeft een aanspreekpunt pesten en moet werken aan sociale veiligheid. Dus je kan altijd vragen: wat doen jullie? Wat is jullie anti-pestbeleid? Wordt dat besproken in de klas? Wat kunnen we samen doen? Wat kunnen wij thuis doen?

Het mooiste is als je dat gesprek samen met je kind kan voeren en je kind kan aangeven waar het behoefte aan heeft. Soms zit het probleem bij kinderen in andere dingen dan wij denken. Dus het is heel goed om naar je kind te luisteren. En als je de pester erbij kan betrekken, ook naar de pester. Sommige pesters kleineren iemand doelbewust, maar soms ligt er een hele wereld achter: een onveilige thuissituatie of een eigen pestverleden. Voor een school of een coach is het goed om te horen wat er thuis is verteld. Daar kun je wat mee doen in de groep.

Ik heb les gegeven op een basisschool en merkte daar hoe verschillend groepsdynamieken kunnen zijn. In de ene groep helpen kinderen elkaar en zoeken ze steun bij elkaar. In een andere groep is dat totaal anders. Natuurlijk ga je daar als docent mee aan de slag, maar achteraf denk ik dat ik meer had kunnen doen dan ik toen dacht. Klasgenoten spelen vaak ook in dezelfde speeltuin, zitten deels op dezelfde sportclub en waarschijnlijk ook in dezelfde groepsapp. Wat doen ze daar? Hoe gaan ze daar met elkaar om? Dat kan je als docent meer laten terugkomen in de gesprekken in de klas. Je kunt ouders daar ook actief bij betrekken, of een jongerenwerker of het sociaal werk erbij vragen. En als ouder kun je weer raad vragen bij de stichting Ouders & Onderwijs. 

Wat kun je eigenlijk bij online pesten?
Online pesten is heftig, want er is eigenlijk geen veilige plek. Kinderen nemen hun telefoontjes over mee naar toe en lezen die berichten ook in hun vertrouwde huis en op hun eigen kamer. Als ze wakker worden, zijn ze er meteen weer. Berichten blijven online ook vaak lang staan en kunnen heel snel gedeeld worden. 
Voor ouders geldt eigenlijk hetzelfde als bij offline pesten. Praat. Vraag. Niet alleen: hoe was je dag en wat gebeurt er in de klas? Maar ook: wat gebeurt er eigenlijk online? Hoe voelt dat? Hoe gedraag jij je online? En ook: hoe reageer jij als je ziet dat iemand anders keer of keer negatieve berichten krijgen? Zorg dat de onlinewereld geen verborgen wereld wordt. 

Zijn er ook dingen die je als ouder niet moet doen?
Je moet niet heel emotioneel reageren en meteen op hoge poten naar school gaan. Je kind kijkt ook naar jouw reactie. Het is verstandig eerst even af te koelen en na te gaan of het echt om pesten gaat en niet een misverstand is. En je moet je kind nooit vertellen dat het aan hem of haar ligt.

Heeft het zin om je kind naar een training te sturen?
Dat vind ik een lastige. Dat zou ik een zware last vinden. Je kind wordt al gepest, is al slachtoffer en dan moet het ook nog in z’n eentje op training. Het is niet alleen de verantwoordelijkheid van de gepeste om de situatie op te lossen. Die training moet je eigenlijk aan de hele groep geven. 

Wat moet je als je hoort dat je kind een pester is? 
Ook dan is het goed niet te snel een conclusie te trekken, maar daar even de tijd voor te nemen. Natuurlijk moet je navragen bij je kind wat er is gebeurd, maar je moet niet onderschatten hoe moeilijk het is voor een kind om tegenover volwassenen toe te geven dat het zich heeft misdragen. Dus als je kind ontkent, kun je zeggen dat je het er thuis nog even over gaat hebben. En tegen die andere ouder: ‘We komen er samen niet direct uit, zullen we even bij de docent navragen? Of ‘zullen we morgen verder praten?’ Zo hou je de dialoog open en kun je rustig aan je kind vragen wat er is gebeurd. En als je kind ontkent dat er iets naars is gebeurd, kun je zeggen: ‘Ik zag toch echt dat dat andere kind boos was. Of verdrietig. Er is toch iets gebeurd wat voor hem niet prettig was.’ 

In de vragenrubriek van de krant stond laatst een vraag van een ouder van wie het kind was uitgenodigd voor de verjaardag van een kind dat in de klas gepest wordt en daar niet naar toe wilde. Kun je dan zeggen: je moet wel gaan? 
Daar is geen eenduidig antwoord op. Het heeft zoveel kanten en er zijn zoveel verschillende rollen, maar het lijkt mij een uitgelezen kans om je kind te leren hoe je met grenzen omgaat. Om samen na te denken: wat gaan we nu doen? Wat wil jij? Wat wil dat andere kind? En hoe lossen we dat op?
Omdat het pesten in de groep gebeurt, moet je proberen dat weer terug te pakken. Zijn er nog andere kinderen die ook zijn uitgenodigd? Kunnen we iets bedenken waardoor het voor iedereen leuk is? Maar hou wel rekening met de grenzen van je kind. Want als je zegt: je wil niet, maar je moet, wat leer je je kind dan?

Zijn er situaties die bijzondere aandacht vragen? 
Ik denk aan LHBTQI+’ers, die vaker dan anderen worden gepest. Dus het is verstandig als ouder om daar alert op te zijn, maar dat is ook ingewikkeld, want je wil je kind zeggen dat het goed is zoals het is. En niet al van tevoren zeggen: wees een beetje voorzichtig. 
Toch is het goed ook daar te blijven praten: hoe wordt er in je klas gereageerd? Hoe voelt dat voor jou?

Interview: Marijke Verduijn

Meer weten over wat je kunt doen bij pesten? Lees het dossier van het NJI.

Lees ook de interviews net volwassenen die als kind werden gepest: 
Schrijfster Enne Koens: 'Waarom werd ik nu juist gepest?'
Hans: 'Je leest nooit eens dat een pester naar cursus moet.'
Susan Leurs: 'Pesten verwoest je leven.'
En de andere ZiO-artikelen over pesten: 'Vriend en vijand'.

 

 


 

 

 

 

 

 

 

 

Pesten Bewustwording Literatuur

 


Terug

Meer informatie Facebook   Twitter
contact disclaimer
inloggen colofon
2022 Zin in Opvoeding