zininopvoeding > publicatie.php?nr=25794&stuurdoor=nee

'Goed om te horen dat er in de oorlog ook dingen wl goed zijn gegaan'

 

Terug


‘Kijk’, gaat Paul Joseph (82) met zijn vinger over de kaart, ‘in februari 1943 zijn mijn ouders met mij gevlucht. Zo via Antwerpen en Brussel naar Frankrijk. Van daaruit zijn we ’s nachts naar de grens met Zwitserland gelopen. Daar werd iedereen teruggestuurd, behalve gezinnen met kinderen jonger dan zes jaar. Ik was net vijf. Dus mijn vader zei later altijd: Paul heeft ons leven gered.’ 

De kinderen van groep 7 van de Rehobothschool in Naarden hangen aan zijn lippen. Al tijdens zijn verhaal schieten er vingers in de lucht. 'Moest u lopen?' ‘Was u bang?’ ‘Had u broertjes en zusjes?’ ‘Hoe gingen jullie weer terug naar Nederland?’ Paul beantwoordt alle vragen geduldig.

Uithoudingsvermogen
Paul Joseph en de kinderen ontmoeten elkaar op de tentoonstelling Kinderen zoals jullie in een bijzaal van de synagoge in Bussum. Er hangen nog vijf panelen met verhalen van Joodse kinderen uit Bussum en Naarden, zoals dat van Ettel Weiss, die op hun eigen Rehobothschool zat. Ettel heeft de oorlog niet overleefd. Net zomin als haar ouders, broertje en zusje.

Maar de meeste kinderen op de expositie in Bussum hebben dat wel. Door heel slim te zijn, geluk te hebben, hulp te krijgen. Of door heel veel uithoudingsvermogen tijdens een jarenlange onderduik. Annet Betsalel van de Joodse gemeente in Bussum heeft de verhalen heel zorgvuldig gekozen, want ze vindt het belangrijk kinderen lichtpuntjes te laten zien. 
 
Hoe welkom die positieve insteek is, blijkt uit de berichten die de kinderen daarna zelf schrijven voor de verzetskrant en voorlezen voor Radio Oranje. 

‘Beste landgenoten, 
Hier in Londen wordt hard tegen de Duitsers gestreden. De Duitsers dreigen te verliezen. De strenge winter in Rusland is teveel voor ze. De geallieerden zijn geland in Frankrijk. Ook wij zijn bijna bevrijd. Houd moed, mijn landgenoten.’

Sommigen gaan voor het kleine verzet. ‘Hitler haalt fietsen op. Als je een fiets hebt, verstop hem dan. De Canadezen en Amerikanen zijn ons land ingetrokken. Ze zijn in Limburg aangekomen.’ 

Anderen roepen op tot heldendaden. ‘Code Oranje. Help ons vaderland. Als je wapens nodig hebt, ga nu naar de kelder van fam. De Vrij. Of help met het vervalsen van paspoorten. Of help met Joden laten onderduiken.’ 

'Houd je ver van het boze'
Eerder heeft Betsalel in de hoofdzaal van de synagoge uitleg gegeven over Joodse gebruiken. Bar Mitswa (‘een soort toelatingsexamen, waarbij je een stukje uit de Thora moet voorlezen. Willen jullie horen hoe dat klinkt?’). De Thorarollen (‘de vijf boeken van Mozes, die in een rol van perkament aan elkaar zijn genaaid met twee stokken als handvat. Willen jullie ze zien?’).

Ook hier stellen de kinderen veel – en goede – vragen. ‘Wat betekenen die letters boven de kast met Thorarollen?’. ‘Houd je ver van het boze’, vertaalt Betsalel. ‘Dat is eigenlijk de kern van het Jodendom, het christendom en de islam: wees een goed mens. Is dat moeilijk?’ ‘Is de ster in de oorlog bedacht?’, wil een ander weten. ‘Nee, die bestond al vóór de oorlog als symbool van het Jodendom. Weten jullie wat het symbool is van het christendom? Ja, precies: het kruis. En van de Islam? De halve maan.’ 

'Kijk, dat ben ik'
En dan lopen de kinderen naar de tentoonstelling. ‘Dit is een schoolfoto van Ettel. Zij zat op jullie school. Kijk, hier zie je haar bij het schooltoneel. Toen de oorlog een tijdje aan de gang was, moest ze van jullie school af. En later moest ze net als alle andere Joden verhuizen naar Amsterdam. Van daaruit fietste ze nog weleens naar haar vriendinnetjes in Naarden. Totdat ook haar fiets werd afgepakt. Kijk, hier speelt ze bij de Lindenboom in haar straat met vriendinnetjes. De Lindenboom staat er nog.

Een poosje geleden kwam er een oude vrouw naar de tentoonstelling, die zichzelf herkende op deze foto. “Kijk”, zei ze “dat ben ik. Ik vroeg nog heel lang na de oorlog: ‘Komt Ettel nog terug?’”’

Behapbaar
De kinderen kijken en luisteren vol ontzag, ook naar de verhalen over de andere kinderen op de tentoonstelling. En naar het filmpje over kinderen uit hun woonplaats die de oorlog niet hebben overleefd mét de huizen waar ze hebben gewoond. ‘Om het dichterbij te brengen’ zegt Betsalel. Maar het is zware kost. Daarom is het verhaal van Paul Joseph zo fijn.

En daarom ook wordt in de workshops na afloop de oorlog weer teruggebracht tot een behapbaar formaat. ‘En nu gaan jullie zelf aan de slag', zegt Betsalel. 'Ik heb mensen nodig die paspoorten willen vervalsen, die een verzetskrant willen maken en die een uitzending willen maken voor Radio Oranje.’
   
Misselijkmakend
‘Ik vind het heel mooi om de verhalen te horen van mensen die de oorlog wél hebben overleefd', zegt één van de kinderen na afloop. 'Op school gaat het altijd over Westerbork en Auschwitz. Ik weet dat Auschwitz een misselijkmakende plek was. Maar voor mij is het heel belangrijk om te horen dat er in de oorlog ook dingen wél goed zijn gegaan.’ 

Tekst: Marijke Verduijn
Foto: Annet Betsalel

De tentoonstelling en workshops Kinderen zoals jullie wordt ieder jaar aangeboden aan basisschoolleerlingen in De Gooische Meren.
Zie voor een interview met Annet Betsalel over de opzet en de achtergrond van de tentoonstelling ‘Ik wil dat ze die kinderen leren kennen’


Herdenken

 


Terug

Meer informatie Facebook   Twitter
contact disclaimer
inloggen colofon
2020 Zin in Opvoeding