Nieuws

 
 
1 april 2020

Huidhonger

De meeste leden van mijn koor waren present op onze vaste repetitieavond, zij het deze keer allemaal thuis. Na drie weken zonder zingen – en ook omdat dat lastig blijkt via Zoom – wilden we vooral graag weten hoe het met ons is. Met z’n dertienen blijken we zo’n beetje de hele actualiteit te ‘dekken’– behalve gelukkig een overlijden. 

Een paar van ons zijn stevig ziek geweest. Eén is officieel getest en positief bevonden, en nog steeds zo zwak dat ze niet aan het gesprek mee kan doen. Anderen denken na twee weken hoge koorts en/of algehele malaise vrij zeker te weten dat ze Corona hebben (gehad). Sommigen voelen zich nog steeds goed. Maar de meesten twijfelen. Die zere keel? Flinke koorts? Het verlies van je reuk? Die moeheid! We tasten in het duister, net als veel anderen.

Vitaal
De enkeling met een vitaal beroep is doodop, omdat het werk door de omstandigheden veel intensiever is dan normaal. De moeders van jonge kinderen vertellen hoe het is om thuis te werken, terwijl er één, twee of drie kinderen rondspringen en soms les moeten krijgen. En hoe er na twee weken eindelijk een werkplek is gemaakt waar je géén rugpijn van krijgt. Eén moeder spreekt haar waardering uit voor de inzet van de docenten van haar kinderen. Sommigen roemen de soepele opstelling van hun werkgever. Een enkeling blijft toch worstelen met het schuldgevoel dat ze haar werk niet zo kan doen als ze graag zou willen. Dat staat allemaal in schril contrast tot diegenen bij wie iemand (of beide partners) door de crisis zonder werk zijn komen te zitten - voorlopig of definitief. Voor sommigen is dat dreigend, anderen denken de draad later wel weer op te kunnen pakken. 

Hoogzwanger
Eén van ons is wel blij dat haar reukvermogen is aangetast: het aantal poepluiers in haar huis is niet te tellen. De helft daarvan komt voor rekening van haar oudste, die net acht is geworden. Ze las deze week dat hij, als hij Corona krijgt, bij schaarste niet in aanmerking komt voor een ic-behandeling. 
Er zijn ook andere zorgen: over oude ouders en kwetsbare of ernstig zieke geliefden. ‘Mijn zusje is hoogzwanger en ik had vrij genomen om bij haar te kunnen zijn, maar ik realiseer me dat ik mijn neefje de eerste weken – en misschien langer – niet eens zal zien.’ ‘De man van mijn moeder is ziek, maar ik kan niet voor hem gaan zorgen.’ 

Gelegitimeerd
Er is opluchting dat er tot nu toe niks onherroepelijks is gebeurd. Voor één van ons is het zelfs een beetje feest, omdat beide kinderen, die inmiddels in China en New York wonen, nu weer even – en net op tijd - veilig thuis zijn. En op een vreemde manier voelen we in al die verschillende situaties allemaal ongeveer hetzelfde: hoe fijn het is om gelegitimeerd zo close te kunnen zijn met je gezin. We doen het goed samen. Binnen is het warm. 
 
Huiverend kijken we ook even naar buiten: naar de mensen die ernstig getroffen zijn, naar de gevolgen voor de economie, vluchtelingen, dichtbevolkte landen met een matige gezondheidszorg.

Maar er is vooral gemis. We hebben onze ouders, kinderen en vrienden al zo lang niet meer aangeraakt. We hebben ons peuternichtje al zo lang niet kunnen knuffelen. De vrienden van onze kinderen (of onze kinderen zelf) komen niet meer over de vloer. Onze dochter kan haar vriendje niet zien.

We moeten afstand houden van de mensen bij wie we heel dichtbij willen zijn. In het licht van alles wat in de wereld aan het omvallen is, is het klein leed. We hebben natuurlijk niets te klagen. Alleen huidhonger.  

Tekst: Marijke Verduijn
Foto: Geerte Verduijn


Naar het nieuwsoverzicht

Meer informatie Facebook   Twitter
contact disclaimer
inloggen colofon
2020 Zin in Opvoeding